
foto: Archief Hugo de Vries UvA |
In het voorjaar van 1998 was ik eens op bezoek bij Liesbeth Stam
in de Stationsstraat 12, en terwijl we beiden uit het raam van
haar werkkamer de tuin en het park inkeken, vertelde zij mij een
verhaal over een wetenschapper uit Londen die op werkbezoek was
aan de universiteit van Amsterdam. Hij logeerde in het toenmalige
hotel garni Evers. Zijn slaapkamerraam keek uit op het parkje en hij zou gezegd hebben:
“zo zie ik wat Hugo de Vries moet hebben gezien als hij in Abcoude
was voor zijn erfelijkheidsproeven”. Liesbeth vertelde mij over
de proeven op teunisbloemen die ook in haar tuin werden gedaan. Zij vroeg zich af of er nog iemand in leven zou zijn die in die
tijd daarbij betrokken was geweest. “Eigenlijk zou dat opgeschreven
moeten worden, straks zijn al die leuke verhalen verdwenen”. Uit
deze opmerking van Liesbeth is het idee voor het schrijven van
dit artikel ontsproten.
<< Hugo de Vries poseert op 84-jarige leeftijd bij een bloeiende
amorphophallus titianus (1932)
|