Verslag IV

            14 juni 2000

            -Howie is geen baby meer maar een peuter-  

 

Na de eerste periode van het afzien van (nacht)rust, het afzien van een onberispelijk schoon huis en het afzien van bewegingsvrijheid is nu de tijd aangebroken om te gaan genieten van het gezelschap van Howie.  

Behoudens enkele vergissingen is hij zindelijk en inmiddels is het kroelen voor beide partijen een feest. Hij heeft in zijn bek zijn touw of zijn bot zodat hij daarop knauwt in plaats van op onze kleding of handen. Howie waardeert een goede massage- c.q. rosbeurt, hij kreunt daarbij van genoegen. 

Van ongeveer zestien keer per dag in de goot staan zijn we met ongeveer acht uitlaatbeurten mét resultaat erg tevreden. De periode van paranoia is voorbij, nu kun je hem met een gerust hart in huis laten scharrelen.
Daardoor had hij vorige week wél de televisiekabel doorgebeten omdat ik veronderstelde dat hij op zijn botje aan het knagen was maar enfin, gelukkig was het geen electriciteitskabel.  

Inmiddels gaan een aantal oefeningen uitstekend: zit, af en in je mand voert hij foutloos uit, gestimuleerd door een beloning van een brokje per commando.
Het alleen thuis blijven is een ander chapiter, ik oefen dit vrijwel dagelijks door hem een mergpijp met smeerkaas te geven en dan demonstratief mijn jas aan te doen, gedag te zeggen en stampend over het tuinpad verwijder ik mij om vervolgens sluipend via het andere pad bij het huis te wachten.
Vervolgens sta ik een beetje doelloos en verloren in mijn tuin en voorbijgangers kijken mij meewarig aan en schudden hun hoofd. 
Na ongeveer een halve minuut begint Howie te bedenken dat hij alleen is en gaat blaffen.
Ik wacht net zo lang tot hij even stil is en hol dan snel naar binnen en roep dat hij braaf is.
Die halve minuut moet ooit twee tot drie uur worden, in dit tempo lukt dat niet binnen dit logeerjaar vrees ik.  

Howie weegt nu veertien kilo. Hij is met gemak door het rolhor heen gedaverd toen hij naar mij toe wilde en aangezien hierbij het gaas uit de sponning is gerukt valt er deze zomer verder weinig te rolhorren.  

Bijna elke donderdag komt mijn moeder gedurende het geschikte seizoen onze tuin bewerken en zij stopt daar veel tijd en energie in. Howie is niet bepaald een grote hulp, integendeel. 
Zij veegt het terras, hij hangt in de bezem. 
Zij plant wat nieuwe stekjes in de aarde, als ze zich omdraait graaft hij ze weer uit.

Hij rukt de spagnum uit de staande manden en gaat er vervolgens uitgebreid op liggen kauwen. 
Op jacht naar haar harkje dat Howie had gekaapt verloor moeder haar tuinklomp waarop hij pardoes het harkje liet vallen en er met haar klomp vandoor ging.  
Mijn moeder houdt niet eens van honden maar voor Howie maakt ze een uitzondering.
Dankzij haar kan ik op donderdag de weekendboodschappen doen omdat zij op hem past dus hij zou haar wel met wat meer respect mogen bejegenen.  

Met vriendje Alfred zijn we naar de Oudekerkerplas gegaan. 
Aspirant-geleidehonden mogen niet zwemmen maar dit is niet altijd te voorkomen.
Het is natuurlijk niet de bedoeling dat de blinde persoon elke keer een duikerpak moet aantrekken als hij/zij met de hond gaat wandelen.
Howie ging water drinken, had dorst door het spelen met vele grote en kleine honden, gleed uit en had een nat pak. De tweede keer had hij de smaak te pakken en sprong er pardoes in. 
Hem zien spelen met andere honden is heerlijk. De grote honden zien hem amper en denderen over en langs hem heen maar hij houdt dapper vol en huppelt mee.  
Wat ik heel opvallend vond was dat hij om de minuut even naar mij rende, een aai over zijn bol kreeg en dan werd hij weer door de andere honden opgehaald. Ook ging Howie even bij alle aanwezige hondeneigenaren een aai of een vriendelijk woord halen.  
Misschien klinkt het belachelijk maar ik voelde me echt trots op hem.
De band is vergeleken met de eerste paar weken de laatste dagen veel hechter geworden. 
Vaak bekruipt mij dan de gedachte: volgend jaar gaat hij weer weg, pas op, houd afstand maar dit is theorie. Nu hij zo een belangrijk deel van ons leven is kun je je bijna niet meer voorstellen hoe het was zonder hem.  
O ja, ik denk weer even terug aan uren winkelen, uitslapen, naar de bibliotheek, binnen blijven als het regent.................. Terug naar de werkelijkheid.  

Howie heeft gedurende een korte periode bedacht dat hij het oversteken van een brug eng vindt en ging dus volop in de remmen bij nadering van dat obstakel. Zo hevig zijn angst was, zo snel is die weer verdwenen en hij loopt nu weer redelijk normaal over alle bruggen.  
Het is noodzakelijk hem in een dergelijke situatie te negeren, als je aandacht geeft en hem troostend toespreekt, schijnt dat zijn gedrag te bevestigen en zal hij elke keer dat gedrag vertonen.  

Een rit met de bus ging goed. Hij snuffelde wat onder de zitplaats en trok aan de riem maar was toch heel braaf. Uitgestapt bij winkelcentrum Holendrecht, even een rondje door de supermarkt en weer met de bus terug. Geslaagde oefening en daarna samen even in de tuin dollen en de rest van de dag lag hij te slapen.  

Na de laatste uitlaat ’s avonds gaat hij in zijn mand met daaromheen tuingaas.  
Hij staat onder de trap in de gang en onze slaapkamerdeur blijft open.
Wij hebben een aantal snoepjes in de mand verstopt en roepen: “zoek!”.  
Howie vindt dat een feest en gaat fanatiek op jacht.  
Daarna, terwijl we douchen of in bad zitten, wordt er een tijdje gepiept, dan gejankt en geblaft en vervolgens hoor je een plof wanneer hij het opgeeft en maar gaat liggen.  
Wanneer wij ons bed instappen hoor je gesnurk vanuit de gang.  

Wederom een bezoek van de medewerkster KNGF.  
Howie had een beetje last van zijn oortjes (gaat inmiddels beter) en zij schatte ook in dat hij zich iets te veel had ingespannen omdat hij wat raar met zijn pootjes trok dus de komende tijd mag hij hooguit een paar minuten met zijn vriend Alfred spelen en alleen korte wandelingen maken. 
Howie is nog zeer grillig wanneer hij aan de lijn loopt, het ene moment trekt hij als een bezetene en probeert je van hot naar her te slepen, het volgende moment is hij niet vooruit te branden. Met een paar aanwijzingen van de medewerkster gaan we daar de komende tijd aan werken. Verder hebben we in de supermarkt geoefend, toen de bedrijfsleider de hem onbekende medewerkster met hond zag, verbleekte hij: ”help, een hond in de zaak” en ik tikte hem snel op de schouder en vertelde hem dat niet alleen de hond maar ook ik instructie kreeg dus gelukkig hoefde hij niet in te grijpen.

-wordt vervolgd-

terug naar pagina "index-Howie"